Ja, dat is een van de fascinerende dingen aan aloë vera: hij kan weken tot soms maanden zonder nieuw water en ondertussen nog enigszins doorgroeien. Maar hij haalt daarbij normaal gesproken nauwelijks water rechtstreeks uit de lucht.
Het geheim zit vooral in drie trucs:
- Een ingebouwde watertank. De dikke bladeren bestaan voor een groot deel uit water, opgeslagen in het gelachtige weefsel. Een goed gevulde aloë heeft dus letterlijk een flinke voorraad bij zich. Tijdens droogte worden de bladeren langzaam wat dunner en minder stevig.
- Hij verliest extreem weinig water. Aloë vera gebruikt zogeheten CAM-fotosynthese. De huidmondjes blijven overdag grotendeels dicht, wanneer het warm en droog is, en gaan vooral ’s nachts open om CO₂ op te nemen. Daardoor verdampt veel minder water dan bij bijvoorbeeld een gewone kamerplant.
- Hij kan tijdens droogte op een heel laag pitje doorgaan. De plant gebruikt opgeslagen water en koolhydraten en vertraagt zijn stofwisseling. Daardoor kan het lijken alsof hij gewoon doorgroeit. Soms groeit hij werkelijk nog een beetje, maar gebruikt daarvoor water dat hij weken eerder heeft opgeslagen.
Een klein beetje vocht kan waarschijnlijk wel via bladeren of wortels beschikbaar komen bij zeer hoge luchtvochtigheid, dauw of condens, maar dat is niet zijn belangrijkste overlevingsstrategie. Het is dus niet zoiets als een biologische luchtontvochtiger.
Het mooie is eigenlijk: jij geeft hem één keer water, en de aloë maakt daar vervolgens een langdurige interne waterreserve van. In zijn oorspronkelijke droge leefomgeving is dat precies de truc: pak het water wanneer het er is en geef het vervolgens zo langzaam mogelijk weer uit.
Daarom is een aloë vera trouwens meestal gemakkelijker dood te krijgen met te veel water dan met een maand vergeten water te geven. 😺
Geen opmerkingen:
Een reactie posten